Verjaringstermijnen bij letselschade: hoe lang kun je nog een schadevergoeding eisen?

 In Letselschade

Eén van de veelgestelde vragen die Justiz krijgt, gaat over de zogenoemde verjaringstermijn. 

“Ik heb ooit een letselschade-ongeval gehad, maar er toen niks mee gedaan. Kan ik nu alsnog een schadevergoeding eisen?”

Dit kan zo’n vraag zijn. De term ‘verjaringstermijn’ komt er dan wel niet in voor, maar dat is eigenlijk ook maar gewoon vakjargon. Het draait uiteindelijk om het volgende: tot hoelang na mijn ongeval kan je nog schadevergoeding eisen? In deze blog staat die vraag centraal.

Waarom wachten sommige slachtoffers met het claimen van schade?

In de bovenstaande vraag geeft de steller van die vraag al aan dat hij gedurende enige periode na het ongeval niks met zijn schade heeft gedaan. Dat kan natuurlijk meerdere redenen hebben. Misschien had hij op het moment van het ongeval niet door hoe ernstig het was, en krijgt hij pas maanden of zelfs jaren na het ongeval klachten, die dan toch wel terug te beredeneren zijn naar dat ongeval. Of misschien wist hij niet zo goed wat hij ermee aan moest. Stel dat om een bedrijfsongeval op het werk betreft. Mag je dan wel of niet om een schadevergoeding vragen? Zet je daarmee dan niet de verhouding met je werkgever op het spel? En hoe moet je dit dan doen? Zulke vragen kunnen een worsteling zijn voor slachtoffers. En dat is misschien ook wel de reden dat ze in de eerste plaats niks hebben gedaan met het ongeval en hun schade. Er kunnen nog tientallen andere redenen zijn voor mensen om niet direct schadevergoeding te eisen nadat ze slachtoffer van een ongeval zijn geworden. Maar de grote vraag kan dan maanden of jaren na dato zijn: mag of kan ik hier nu nog wat mee doen?

Wanneer kun je nog een schadevergoeding eisen?

Vanzelfsprekend is hier niet één duidelijk antwoord op te geven. Allereerst ligt het aan de precieze termijn die zich af heeft gespeeld tussen het ongeval en het moment dat een slachtoffer vergoeding wil vorderen. Ten tweede ligt het er ook aan van wie het slachtoffer de vergoeding vordert en vanaf welk moment hij was met deze mogelijke, aansprakelijke partij.

Absolute en relatieve verjaringstermijnen bij letselschade

In de wereld van letselschade bestaat het begrip ‘verjaringstermijn’, die we al langs hebben zien komen. Het ‘verjaren’ van een schade betekent eigenlijk dat de zaak té oud wordt, en dat na de verjaring geen vergoeding meer gevorderd kan worden. De verjaringstermijn bepaalt dus wanneer het recht op schadevergoeding verjaart en dit volgens de wet niet meer kan worden ‘afgedwongen’. Voor letselschade zaken gelden in totaal vier verschillende termijnen: na 3 jaar, na 5 jaar, na 20 jaar, en na 30 jaar. De eerste twee termijnen zijn ‘relatief’, en de laatste twee zijn ‘absoluut’. Beide termijn worden hieronder besproken en toegelicht.

De absolute verjaringstermijn is simpel. Als deze termijn 20 jaar is, dan betekent dit dat je na het verstrijken van deze termijn in absolute zin geen beroep op schadevergoeding meer kan ‘afdwingen’. In verreweg de meeste letselschadezaken is deze termijn van toepassing. Bijvoorbeeld: stel dat een man op 1 januari 1999 wordt aangereden, waarbij hij zijn hand breekt en zijn auto total loss raakt. Dan kan hij zijn recht op schadevergoeding tot 31 december 2018 geldig maken. Ook na deze datum mag hij de vergoeding eisen, maar de veroorzaker is dan niet meer verplicht hem te betalen.

Soms is de verjaringstermijn niet 20, maar 30 jaar. Dit wordt besproken in het Burgerlijk Wetboek 3, artikel 310, lid 2. Hier staat het volgende:

Is de schade een gevolg van verontreiniging van lucht, water of bodem […] dan verjaart de rechtsvordering tot vergoeding van schade, in afwijking van het aan het slot van lid 1 bepaalde, in ieder geval door verloop van dertig jaren na de gebeurtenis waardoor de schade is veroorzaakt.

Oftewel: als jouw letselschade veroorzaakt is door de verontreinging van de grond, het water, of de lucht (denk hierbij aan de schade die de buren van TataSteel hebben opgelopen vanwege de verontreiniging van de omgeving), dan is de absolute verjaringstermijn niet 20, maar 30 jaar. Je hebt dus 10 jaar extra nádat je schade hebt opgelopen door verontreiniging, om een vergoeding te eisen.

Hoe werkt de relatieve verjaringstermijn?

De relatieve verjaringstermijn is ietsjes ingewikkelder dan de absolute termijn, maar is doorgaans veel belangrijker. Waar je bij de absolute termijn als begindatum uitgaat van de datum van het ongeval, begint de relatieve verjaringstermijn pas te lopen op het moment dat je je wist dat je bekend werd met de schade én met de aansprakelijke partij.

Voorbeeld: wanneer start de relatieve verjaringstermijn?

Stel, de dader van het auto-ongeluk op 1 januari 1999 rijdt door, waardoor het slachtoffer geen idee heeft wie de dader is, en dus óók niet weet bij wie hij een vergoeding mag eisen. Pas op 1 januari 2004 komt de politie erachter wie de dader is, en vertelt dit aan de man. De relatieve verjaringstermijn is over het algemeen 5 jaar. Hoewel er in dit voorbeeld al 5 jaar verstreken zijn na het ongeval, begint de relatieve termijn pas te lopen nadat de man wist dat hij schade had opgelopen door toedoen van een ander (wat al op 1 januari 1999 zo was) én dat hij wist van wie hij de vergoeding kon eisen (wat pas op 1 januari 2004 zo was). Dus, de relatieve termijn van 5 jaar begint in dit voorbeeld dan dus op 1 januari 2004 te lopen, omdat dat de datum is dat hij bekend was met het feit dat hij schade had opgelopen door een ander én (bovendien) bekend was met de partij van wie hij de vergoeding kon eisen. De man had in dit voorbeeld dus tot en met 31 december 2008 om de vergoeding daadwerkelijk te eisen.

Stel echter dat de man pas op 1 januari 2019 van de politie te horen zou hebben gekregen wie de aansprakelijke partij was, dan kan hij zijn recht op schadevergoeding niet meer geldig maken, omdat de zaak dan volgens de absolute termijn van 20 jaar is verjaard.

De verjaringstermijn van 3 jaar

Nu kennen we drie van de vier verjaringstermijnen: een relatieve verjaringstermijn van 5 jaar, die over het algemeen geldt, en twee absolute termijnen van 20 en 30 jaar, waarbij 20 jaar over het algemeen als absolute termijn geldt, en 30 jaar in een uitzonderlijk geval. Hoe zit het met de relatieve verjaringstermijn van 3 jaar?

De verjaringstermijn van 3 jaar wordt in twee verschillende situaties gehanteerd. De eerste situatie doet zich voor als een slachtoffer van letselschade een verzekeraar (rechtstreeks) aan wil spreken op een vorm van schadevergoeding. Dan heb je daar volgens de wet 3 jaar de tijd voor. Deze situatie doet zich bijvoorbeeld voor als een letselschade slachtoffer zijn eigen SVI-verzekering wil aanspreken of een beroep op zijn rechtsbijstandverzekering wil doen. 

De tweede situatie doet zich voor als een slachtoffer schade wil verhalen op een WAM-verzekeraar. De WAM staat hierbij voor de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorvoertuigen. Ofwel, een slachtoffer van een ongeval dat door een motorvoertuig is veroorzaakt. Het slachtoffer moet er dan rekening mee houden dat voor hem ten opzichte van de verzekeraar een relatieve verjaringstermijn van 3 jaar geldt in plaats van 5 jaar. 

Er zijn dus vier verschillende soorten verjaringstermijn die kunnen gelden voor letselschade-slachtoffers. Voor het gros van slachtoffers gelden een relatieve termijn van 5 jaar, en een absolute termijn van 20 jaar. Voor slachtoffers van een ongeval met een auto of een ander motorvoertuig geldt echter een termijn van 3 jaar, als je de schadevergoeding wil verhalen op een WAM-verzekeraar. 

Vragen over de verjaringstermijn van jouw zaak?

Heb je nog vragen over de verjaringstermijn van jouw zaak – of over een heel ander onderwerp – meld je dan vooral aan voor een kennismakingsgesprek met één van de juristen van Justiz. Wij helpen je graag verder!

 

Recent Posts
AI in letselschade